's Ochtends probeerde ik nog banden te plakken maar er viel niet veel meer aan te doen. Ze liepen leeg maar er was geen gat. Wel heb ik een nieuwe buitenband erom gelegd. Op allebei de wielen lagen nu de Continental banden en niet meer de Pariba's waar ik op vertrokken was.
De col was behoorlijk pittig doordat ik de beklimming van gisteren nog in de benen had. De weg liep wel door een schitterend natuurgebied. Tussen het hijgen door kon ik dus weer volop genieten. Met veel pijn en moeite (en een ingetapete achillespees) kwam ik boven. Ik moest tenslotte de grens over want mijn Zwitserse francs waren op.
Nadat ik Italië binnen fietste, reed ik in de afdaling, zelfs over onverharde weg, eens niet lek! De wind was ondertussen van zuidwest naar zuidoost gedraaid zodat ik hem nog steeds tegen had. Eenmaal beneden kwam ik terecht in een peloton toerrijders dat gefilmd werd. Waarschijnlijk word ik nu zonder het te weten een filmster in Italië. Later werd ik nog ingehaald door een leeftijdsgenoot van Fausto. Eén en al pezen en botten, een prachtig gezicht.
Verschrikkelijk moe, na 147 kilometers, kwam ik rond zes uur op een kampeerterrein aan in Leifers. Er bleek een aardige campinghouder te zijn die voor mij een speciale prijs maakte. Prachtig kampeerterrein met alles wat je maar zou kunnen willen. Hier zou ik een dag rust nemen want ik kon niet meer. Meteen al had ik contact met een Nederlands gezin en wat leeftijdsgenoten.
De volgende dag kon ik lekker uitrusten, 's middags naar het zwembad. De mensen die ik de vorige avond ontmoet had waren er ook. Er ontbrak wel iemand: Annemiek, een meisje dat ik gezien had en waar ik per ongeluk op slag verliefd op was geworden. Later kwam ze toch nog. 's Avonds zaten we samen te kletsen toen er een geweldig onweer los barstte waardoor we bleven schuilen. Om drie uur 's nachts regende het nog steeds. Een Nederlands gezin kwam druipnat vertellen dat mijn tent een halve meter onder water stond. De tent was echt overstroomd, daar kon ik niet meer in slapen.
Het noodweer was zo erg dat er dijkbewaking ingesteld was. De nacht kon ik doorbrengen in een kamer van het hotel dat het kampeerterrein bij hoorde.
De volgende dag heb ik mijn spullen kunnen wassen bij de campingeigenaar. Toen ik alles te drogen had gehangen begon het weer te regenen. Al mijn papieren evenals mijn geld was nat geworden. Paspoort en visa waren doorgelopen waardoor het me onmogelijk leek om nog door het Oostblok te gaan. M'n fototoestel zat vol met water. Het eten dat ik bij me had kon ik weggooien net als mijn radio en de papieren die ik niet echt nodig had. Van de fiets kraakten alle bewegende delen als ik een stukje probeerde te fietsen. Toch ga ik door. Ik blijf nog een aantal dagen om alles te laten drogen.